Observaties die op een visueel probleem wijzen

Oculomotoriek of oogbewegingen

  • meedraaien van het hoofd tijdens het lezen
  • niet weten waar men met lezen gestopt is
  • vinger, liniaal of ander hulpmiddel gebruiken als steun
  • korte aandachtsspanne hebben
  • vaak woorden overslaan tijdens het lezen
  • vaak een Iijn herlezen zonder dit op te merken
  • soms lijnen overslaan zonder dit op te merken
  • vaak letters substitueren
  • (te) trage leessnelheid
  • vaak boven of onder de lijnen schrijven

 

 

Binoculariteit of oogsamenwerking

  • af en toe dubbel zien
  • verwarrende visuele informatie
  • tijdens het lezen of ver kijken één oog sluiten of bedekken
  • letters in een woord herhalen
  • moeilijkheden om cijfers in kolommen te zetten
  • het hoofd erg schuin of naar beneden gericht houden
  • vaak veranderen van houding bij werken aan tafel
  • klagen van ’dansende’ letters op het blad
  • snel moe zijn bij intensieve kijkactiviteiten

 

 

Accommodatie of scherpstelling

  • troebel zien op werkafstand en veel in de ogen wrijven
  • gemakkelijk interesse verliezen
  • wazig zien in de verte na een tijdje lezen
  • verminderd zicht in de verte
  • werkafstand korter dan voorarmlengte (harmonafstand)
  • misselijkheid en hoofdpijn na lang nabijwerk
  • algemene vermoeidheid na een schooldag
  • veel knipperen om het bord scherp te zien
  • afschrijffouten bij het overschrijven van bord, boek, schrift
  • gelijkaardige woorden verkeerd uitspreken na lang lezen
  • dicht bij de televisie gaan zitten
  • klagen over visueel ongemak (oogpijn, tranende ogen)

 

 

Oog - handcoördinatie

  • ondersteuning van de handen (betasten) is nodig bij het visueel beoordelen van aangeboden materiaal
  • de ogen niet gebruiken om de handen te ‘besturen’
  • onregelmatig handschrift met weinig ruimte tussen de woorden
  • een hulpmiddel gebruiken om de plaats op de bladzijde te onthouden

 

 

Visuele discriminatie

  • verwarring van letters die op elkaar lijken, letters met kleine verschillen
  • verwarring van woorden met een zelfde begin- of eindletter
  • de neiging vertonen andere sensoriële modaliteiten te gebruiken (tactiel, kinesthetisch, verbaal) bij discriminaties die normaal visueel zouden moeten verlopen o.a. fluisteren ter versterking
  • moeilijkheden om eenzelfde woord op de bladzijde te herkennen
  • moeilijkheden bij het herkennen van letters of vormen
  • ziet en leest maar één woord tegelijkertijd
  • soms omkeringen van letters en verplaatsen van lettergrepen
  • werkt traag in vergelijking met klasgenoten

 

 

Visuele sluiting

  • negeert details bij visuele taken
  • kan onderdelen van taken goed uitvoeren, maar kan deze onderdelen niet synthetiseren
  • onvolledige afwerking van taken
  • moeilijker begrijpend lezen

 

Dit houdt in het in gedachten vervolledigen van gedeeltelijke visuele informatie.

Hoe beter deze functie, hoe minder tijd en energie nodig is om tot een oplossing of herkenning te komen.

 

 

Visuele sequentie

  • moeilijkheden met het organiseren van zichzelf en/of materiaal
  • zwak in spelling
  • negeert de links/rechts richting
  • moeilijkheden bij taken die meerdere uitvoeringsstappen vragen